Waarom hard werken niet hetzelfde is als richting hebben
Je beantwoordt tientallen mails, schuift van overleg naar overleg, lost tussendoor een probleem op en werkt aan het eind van de dag nog een paar actiepunten weg. Er is veel gebeurd. Vraag jezelf dan af wat je die dag dichter bij je belangrijkste doel heeft gebracht.
Dat antwoord is verrassend lastig. We verwarren beweging makkelijk met vooruitgang.
Een vergelijking van duizenden jaren oud laat zien waarom.
De mens als wagen
In de Katha-Upanishad wordt de mens vergeleken met een wagen. Het lichaam is de wagen, de zintuigen zijn de paarden, de aandacht vormt de teugels en het verstand is de menner. De reiziger zit in de wagen en heeft een bestemming.
Eenvoudig beeld, en het klopt griezelig goed.
Paarden hebben energie. Ze lopen hard en reageren snel op wat ze onderweg tegenkomen. Waar de wagen uitkomt bepalen ze daarmee nog niet. Gaat elk paard achter een andere prikkel aan, dan trekt het ene naar links, het andere naar rechts en wil een derde vooral versnellen. De wagen beweegt voortdurend en komt nergens.
Daarom zijn de teugels en de menner er ook. De aandacht bepaalt waarop je reageert, het verstand maakt de keuze. Pas wanneer die twee verbonden zijn met een bestemming ontstaat er gerichte beweging.
Onze paarden trekken de hele dag
Op een werkdag wordt er onophoudelijk aan je aandacht getrokken. Een nieuwe mail. Een vraag van een collega. Een storing. Iemand die iets wil bespreken. Een overleg dat al maanden elke dinsdag in de agenda staat. Een presentatie die nog moet. Een probleem dat belangrijk lijkt omdat er hard om wordt geroepen.
Voor vrijwel al die dingen valt een goede reden te bedenken. Daar zit het probleem. Lijkt alles afzonderlijk belangrijk, dan wordt het steeds moeilijker om te bepalen wat richting geeft.
Je reageert dan vooral op de kracht waarmee iets aan de wagen trekt. Urgentie wint het van bedoeling. Over wat dat met je hoofd doet, staat meer op de pagina over brein en samenwerking.
Zelfsturing vraagt meer dan vrijheid
In organisaties gaat het vaak over eigenaarschap en zelfsturing. Meestal bedoelen we dan dat mensen zelfstandig kunnen beslissen en niet voor elke stap toestemming nodig hebben.
Het beeld van de wagen voegt daar iets aan toe. Vrijheid alleen is niet genoeg; er moet ook samenhang zijn.
Je kunt namelijk uitgesproken zelfstandig, gemotiveerd en daadkrachtig zijn en tegelijk vooral bezig zijn met werk dat nauwelijks bijdraagt aan wat ertoe doet.
Een team kan honderden acties afvinken zonder dichter bij zijn doel te komen. Een manager kan een week lang problemen oplossen zonder toe te komen aan de verandering die de meeste aandacht verdient. Iemand kan voortdurend collega's helpen en daardoor nauwelijks aan zijn eigen verantwoordelijkheid toekomen. Meer daarover staat op de pagina over eigenaarschap in teams.
Bedrijvigheid bewijst dus niets over richting.
Wat een leidinggevende hier te doen heeft
Zelf aan de teugels gaan trekken helpt zelden. Wat wel helpt is de verbinding tussen bedoeling, aandacht en handelen zichtbaar houden.
Waar proberen we naartoe te bewegen? Welk werk draagt daar aantoonbaar aan bij? En waar gaat veel energie heen omdat het urgent, vertrouwd of luidruchtig is?
Dat gesprek klinkt eenvoudig en wordt zelden gevoerd. Teams bespreken geregeld wat er allemaal moet gebeuren. Veel minder vaak bespreken ze wat er zou mogen stoppen, terwijl daar de richting pas zichtbaar wordt. Wat dat met de energie in een team doet, staat op de pagina over teamenergie.
Prioriteren gaat over meer dan bepalen wat je als eerste doet. Het gaat ook over besluiten waaraan je voorlopig geen energie geeft.
Een klein experiment
Neem deze week tien minuten aan het begin of het eind van een werkdag. Schrijf de drie onderwerpen op waaraan je die dag de meeste aandacht hebt besteed.
Stel jezelf bij elk onderwerp twee vragen. Waarom trok dit zoveel aandacht? En bracht het me dichter bij wat ik werkelijk belangrijk vind?
Verander nog niets. Kijk eerst een week naar het patroon. Waarschijnlijk zie je dan dat bepaalde dingen elke dag hard aan de wagen trekken, terwijl je nooit hebt besloten dat zij de richting mogen bepalen.
Dat inzicht is meestal het begin van zelfsturing.
Soms hoeven de paarden niet harder te lopen. Soms moet je opnieuw bepalen waar je heen wilt.
Welk deel van jouw werk trekt op dit moment hard aan de wagen, zonder dat je ooit hebt gekozen waarheen?
*Bron: Katha-Upanishad, 1.3.3 tot 1.3.9.*